Muziek is in het leven van de mens al eeuwenlang een zeer belangrijk communicatiemiddel.
Het is een taal van alle tijden en volken en wordt door iedereen verstaan. Op welke wijze dan ook voortgebracht.
De oerstem
In het begin was dat de stem en het zingen. Pas later kreeg men de behoefte om die stem de begeleiden. Een trommel zorgde voor het slaan van het ritme en een uit riet gesneden fluit zorgde voor de begeleiding van de stem. Later kwam daar een snaarinstrument bij, een vedel met darmsnaren, lijkend op onze viool.
Het klavierinstrument
Pas eeuwen later kwamen de toets instrumenten. De oudste daarvan is het orgel, 12e eeuw, wat eigenlijk in oorsprong niets anders was dan een verzameling fluiten op een windlade en een blaasbalgje om wind in de lade te pompen. Zo waren er minder fluitisten nodig.
In het begin waren dat draagbare orgels, die in optochten werden meegevoerd. Eigenlijk was dat dus het oerkeyboard, dat we nu kennen en heel populair is.
Maar doordat dat orgel steeds groter werd, zocht men een plek om dat instrument te kunnen plaatsen. En omdat in die tijd de kerk het enige grote en openbare gebouw in een plaats was, kwam het dus daar te staan. En het is er niet meer weggegaan. Daar kreeg het de functie van vermaaksinstrument tijdens de markt, die toen nog in de kerk gehouden werd. Er werden vrolijke liedjes op gespeeld, de pop van die tijd. Die functie heeft het orgel tot ver in de 16e. eeuw gehouden. Pas begin 17e eeuw, werd het orgel ook gebruikt tijdens de kerkdienst. Iets wat voor die tijd verboden was
.